ECLI:NL:RVS:2023:2560
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 30 maart 2023 besloten een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling stelde daartegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 14 juni 2023 het beroep gegrond verklaarde, het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening om uitvoering van de uitspraak van de rechtbank op te schorten totdat het hoger beroep is beslist. De vreemdeling gaf een schriftelijke reactie op dit verzoek.
De voorzieningenrechter overwoog dat het hoger beroep nader onderzoek vereist, mede gelet op recente jurisprudentie van het Hof van Justitie en eerdere zaken over het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor Bulgarije. De procedure voor de voorlopige voorziening leent zich niet voor dat nader onderzoek, waardoor de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening toewijst. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.