ECLI:NL:RVS:2023:2664
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-betaling griffierecht in vreemdelingenzaak
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, welke op 12 oktober 2020 door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid werd afgewezen. Na een bezwaarprocedure en een uitspraak van de rechtbank Den Haag die het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaarde, stelde de vreemdeling hoger beroep in en verzocht zij om een voorlopige voorziening.
De griffier wees de vreemdeling bij brief van 1 juni 2023 erop dat het griffierecht voor het verzoek om voorlopige voorziening uiterlijk op 8 juni 2023 betaald moest worden. Omdat het griffierecht niet binnen deze termijn werd voldaan, verklaarde de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk.
De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door mr. E. Steendijk, voorzieningenrechter, op 12 juli 2023 namens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van griffierecht.