ECLI:NL:RVS:2023:2675
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor glazen dakopbouw ondanks strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Zeist verleende op 8 maart 2018 een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een glazen dakopbouw op een woning in Bosch en Duin, waarbij de bouw- en goothoogte werden verhoogd tot respectievelijk 9,6 meter en 9,6 meter, wat in strijd was met het bestemmingsplan dat een maximale goothoogte van 6 meter en bouwhoogte van 9 meter voorschrijft.
De buurvrouw, appellant, maakte bezwaar tegen deze vergunning vanwege de vermeende strijd met het bestemmingsplan en de aantasting van haar woon- en leefklimaat, met name haar privacy. Na een gedeeltelijke gegrondverklaring van bezwaar en vernietiging van het besluit door de rechtbank, werd het college in de gelegenheid gesteld de gebreken te herstellen met een nadere motivering.
De rechtbank oordeelde uiteindelijk dat de aanvullende motivering voldoende was en liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. De appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State, die het college bevoegd achtte om binnenplanse afwijkingen te combineren en de belangenafweging zorgvuldig had gemaakt, waarbij onder meer rekening was gehouden met de bosrijke omgeving, afstand tussen woningen, beplanting en zichtlijnen.
De Raad van State verwierp de bezwaren van appellant, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Het college hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor de glazen dakopbouw wordt bevestigd.