ECLI:NL:RVS:2023:2696
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- R. Uylenburg
- B.P.M. van Ravels
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling bestemmingsplan Chw Gaardenhage in Arnhem
De gemeente Arnhem stelde op 20 juli 2022 het bestemmingsplan Chw Gaardenhage vast, gericht op herontwikkeling van onverkochte kavels en het mogelijk maken van betaalbare woningen, bijzondere woonvormen en een permanent volkstuincomplex. Twee groepen appellanten uit de wijk Gaardenhage stelden beroep in tegen dit besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de beroepen en oordeelde dat de Crisis- en herstelwet (Chw) correct werd toegepast en dat de ministeriële regeling waarop het plan is gebaseerd een deugdelijke wettelijke grondslag heeft. De motivering van de gemeente voor de volkstuinbestemming en de locatiekeuze werd als voldoende onderbouwd beoordeeld.
Verder werden bezwaren over het participatieproces, vermeende partijdigheid, prematuur handelen, onjuiste voorstelling van zaken, schending van het vertrouwensbeginsel en onvoldoende onderzoek naar alternatieven verworpen. De Afdeling concludeerde dat het bestemmingsplan rechtmatig tot stand is gekomen en de belangen zorgvuldig zijn afgewogen.
De beroepen werden ongegrond verklaard en de gemeente Arnhem hoefde geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak bevestigt de beleidsvrijheid van de gemeente bij het vaststellen van bestemmingsplannen en benadrukt de beperkte toetsingsruimte van de bestuursrechter.
Uitkomst: De beroepen tegen het bestemmingsplan Chw Gaardenhage zijn ongegrond verklaard en het plan blijft ongewijzigd van kracht.