ECLI:NL:RVS:2023:2805
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
Bij besluit van 11 mei 2023 legde de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aan de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel op. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die bij uitspraak van 19 juni 2023 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevatte die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming beantwoord moesten worden. De rechtsvraag over rechtsbijstand voorafgaand aan de oplegging van de maatregel was reeds eerder door de Afdeling beantwoord in een uitspraak van 8 mei 2023.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 20 juli 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.