ECLI:NL:RVS:2023:29
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over bewaring vreemdeling en afwijzing voorlopige voorziening
Bij besluit van 16 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 1 december 2022 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees. Tevens wees de rechtbank het verzoek om een voorlopige voorziening af.
De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling verklaarde zich echter onbevoegd om kennis te nemen van het hoger beroep voor zover dit gericht was tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter over de voorlopige voorziening, omdat tegen dergelijke uitspraken geen hoger beroep mogelijk is.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank terecht het beroep tegen de bewaring heeft behandeld en dat het gebruik van de bevoegdheid tot ophouding van de vreemdeling niet onder het Unierecht valt, conform jurisprudentie van het Hof van Justitie. De overige grieven van de vreemdeling werden niet gegrond verklaard. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.