ECLI:NL:RVS:2023:3094
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel door Raad van State
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 28 oktober 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Arnhem, die op 20 juni 2023 het beroep ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het hoger beroep geen aanleiding gaf om de uitspraak van de rechtbank te vernietigen, omdat het hogerberoepschrift geen relevante vragen bevatte voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De staatssecretaris werd niet verplicht tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter J.H. van Breda op 14 augustus 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.