ECLI:NL:RVS:2023:3358
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 12 december 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 13 juli 2023 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek tot voorlopige voorziening toegewezen. Dit houdt in dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat het hoger beroep is afgerond. Daarnaast is bepaald dat de staatssecretaris de proceskosten van de vreemdeling, begroot op € 837,00 en toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, moet vergoeden.
De uitspraak is gedaan op 4 september 2023 en betreft een voorlopige voorziening op grond van artikel 8:81 en Pro 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Hiermee wordt de rechtspositie van de vreemdeling tijdens het hoger beroep beschermd.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.