ECLI:NL:RVS:2023:3808
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake bewaring vreemdeling en proceskosten
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 4 september 2023 in bewaring. De vreemdeling stelde beroep in tegen deze bewaring bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg. Op 19 september 2023 verklaarde de rechtbank het beroep gegrond en kende schadevergoeding toe aan de vreemdeling.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen deze uitspraak. De Afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en geoordeeld dat het geen aanleiding geeft tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Daarbij werd bevestigd dat de rechtbank de proceskosten voor rechtsbijstand terecht heeft vastgesteld op € 837,00.
De Afdeling stelde vast dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin, waardoor nadere motivering achterwege kan blijven. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.