ECLI:NL:RVS:2023:3878
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke handhaving intensieve veehouderij in strijd met bestemmingsplan bevestigd
Het college van burgemeester en wethouders van Echt-Susteren legde appellant een last onder dwangsom op vanwege het bedrijfsmatig houden van varkens op een perceel te Roosteren, wat volgens het college een intensieve veehouderij betreft en in strijd is met het bestemmingsplan "Buitengebied" en het voorbereidingsbesluit "Oud Roosteren". Appellant betwistte dit en stelde dat het om een grondgebonden scharrelvarkenshouderij gaat, waarvoor een milieuvergunning aanwezig zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat de exploitatie een intensieve veehouderij betreft en daarmee niet is toegestaan op het perceel zonder vergunning. Appellant ging in hoger beroep, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde de uitspraak. De Afdeling overwoog dat de scharrelvarkenshouderij geen grondgebonden agrarisch bedrijf is omdat het voer van buitenaf wordt aangevoerd en de dieren in stallen worden gehouden, ook al hebben oudere varkens uitloop.
Daarnaast gaf de Afdeling aan dat een milieuvergunning niet afdoet aan de noodzaak van een omgevingsvergunning voor strijdig gebruik met het bestemmingsplan. Het beroep op overgangsrecht en het gelijkheidsbeginsel faalde eveneens. Het college hoefde niet af te zien van handhaving omdat er geen concreet zicht op legalisatie was. De Afdeling bevestigde daarom het collegebesluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom tegen de intensieve veehouderij wordt bevestigd.