ECLI:NL:RVS:2023:530

Raad van State

Datum uitspraak
9 februari 2023
Publicatiedatum
9 februari 2023
Zaaknummer
202300677/2/V1
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • E. Steendijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening tegen invordering eigen bijdrage opvang vreemdeling

Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) heeft op 15 november 2022 aan de vreemdeling meegedeeld dat de kosten van haar opvang als eigen bijdrage zijn vastgesteld op €5.803,33. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 3 januari 2023 ongegrond verklaarde. Vervolgens heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter heeft op 9 februari 2023 beslist om de invordering van de eigen bijdrage op te schorten zolang het hoger beroep loopt. Tevens is het COa veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, die €837,00 bedragen en geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E. Steendijk, in aanwezigheid van griffier L.S. van den Oosterkamp, en uitgesproken in het openbaar. Hiermee wordt de vreemdeling tijdelijk beschermd tegen de invordering van de eigen bijdrage totdat het hoger beroep inhoudelijk is behandeld.

Uitkomst: De invordering van de eigen bijdrage van €5.803,33 wordt geschorst totdat het hoger beroep is beslist en het COa moet €837,00 proceskosten vergoeden.

Uitspraak

202300677/2/V1.
Datum uitspraak: 9 februari 2023
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:
[de vreemdeling],
verzoekster,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, van 3 januari 2023 in zaak nr. 22/3739 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna: het COa).
Procesverloop
Bij besluit van 15 november 2022 heeft het COa de vreemdeling meegedeeld dat de kosten van haar opvang als eigen bijdrage zijn vastgesteld op € 5.803,33.
Bij uitspraak van 3 januari 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1.       De vreemdeling heeft de voorzieningenrechter verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat invordering van de eigen bijdrage niet mag plaatsvinden zolang het hoger beroep loopt.
2.       Gelet op wat is aangevoerd, treft de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening.
3.       Het COa moet de proceskosten vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I.        bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat de werking van het besluit van het COa van 15 november 2022, 200198634‑1 bs‑2/15‑11‑2022, wordt geschorst, totdat op het door de vreemdeling ingestelde hoger beroep is beslist;
II.       veroordeelt het COa tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 837,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Aldus vastgesteld door mr. E. Steendijk, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.S. van den Oosterkamp, griffier.
w.g. Steendijk
voorzieningenrechter
w.g. Van den Oosterkamp
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 9 februari 2023
941