ECLI:NL:RVS:2023:547

Raad van State

Datum uitspraak
10 februari 2023
Publicatiedatum
10 februari 2023
Zaaknummer
202300414/1/V2 en 202300414/2/V2
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening+bodemzaak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 91 Vw 2000Art. 92 Vw 2000
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na hoger beroep en voorlopige voorziening

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 20 oktober 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 12 januari 2023 het beroep ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.

De Raad van State overwoog dat de rechtbank terecht de oordelen uit de eerste asielprocedure als uitgangspunt heeft genomen, conform eerdere jurisprudentie. De overige grieven van de vreemdeling bevatten geen nieuwe vragen die voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin van belang zijn, zodat verdere motivering niet nodig is.

De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de verblijfsvergunning en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Uitspraak

202300414/1/V2 en 202300414/2/V2.
Datum uitspraak: 10 februari 2023
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van Pro de Vw 2000, op het hoger beroep van:
[de vreemdeling],
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Rotterdam, van 12 januari 2023 in zaak nr. NL22.21860 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Procesverloop
Bij besluit van 20 oktober 2022 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.
Bij uitspraak van 12 januari 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. M. van Werven, advocaat te Gouda, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1.       Anders dan de vreemdeling in de eerste grief naar voren brengt, heeft de rechtbank terecht overwogen dat de oordelen in de eerste asielprocedure in deze opvolgende procedure als uitgangspunt gelden. Dit volgt bijvoorbeeld uit de uitspraak van de Afdeling van 28 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2713 (onder 4.1). De eerste grief faalt.
2.       Wat de vreemdeling in de overige grieven naar voren brengt, leidt evenmin tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat de overige grieven geen vragen bevatten die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).
3.       Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I.        bevestigt de aangevallen uitspraak;
II.       wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. B. Meijer, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. D.I. van Kesteren, griffier.
w.g. Meijer
voorzieningenrechter
w.g. Van Kesteren
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 10 februari 2023
968