ECLI:NL:RVS:2023:668
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing hoger beroep tegen niet-in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag op 21 december 2022 niet in behandeling genomen. De rechtbank Den Haag heeft bij uitspraak van 31 januari 2023 het beroep van de vreemdeling tegen deze beslissing ongegrond verklaard.
De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter bepaalde bij ordemaatregel op 7 februari 2023 dat de voorgenomen overdracht op die dag achterwege blijft. Na ontvangst van een nader stuk van de vreemdeling heeft de Raad van State het hoger beroep inhoudelijk beoordeeld.
De Raad van State oordeelt dat het hoger beroep geen gronden bevat die aanleiding geven tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep is derhalve ongegrond en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.