ECLI:NL:RVS:2023:7
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had op 13 juli 2022 de aanvraag ingewilligd, zonder vast te stellen dat een bestuurlijke dwangsom was verbeurd.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit van 13 juli 2022 ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming relevant zijn en dat eerdere uitspraken hierover reeds duidelijkheid hebben verschaft. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De staatssecretaris werd niet verplicht proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 3 januari 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.