ECLI:NL:RVS:2024:1176
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 19 april 2022 besloten de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling heeft tegen dit besluit beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 19 mei 2022 het beroep ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging vervolgens in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het hoger beroep richtte zich onder meer op een rechtsvraag die reeds in een eerdere uitspraak van de Afdeling was beantwoord, namelijk het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor Roemenië.
De Raad van State oordeelt dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevat die in het belang zijn van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming. Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.