ECLI:NL:RVS:2024:1183
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na niet-behandeling aanvraag
Bij besluiten van 15 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. De vreemdelingen, waaronder minderjarige kinderen, stelden hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 16 februari 2024 deze beroepen ongegrond verklaarde.
De vreemdelingen gingen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzochten tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die beantwoording behoeven in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming. Tevens werd verwezen naar een eerdere uitspraak waarin een vergelijkbare rechtsvraag over het interstatelijk vertrouwensbeginsel was beantwoord.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en de staatssecretaris werd niet veroordeeld tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.