ECLI:NL:RVS:2024:1208
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van het besluit tot onmiddellijke vertrek uit de Europese Unie van vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 19 september 2023 een besluit genomen waarin de vreemdeling werd opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen. Op 7 februari 2024 verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft op 25 maart 2024 het hoger beroep behandeld en geconcludeerd dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank is overgenomen zonder verdere nadere motivering, omdat het hogerberoepschrift geen relevante vragen bevat voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming.
De Raad van State verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De staatssecretaris is niet verplicht proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer bestaande uit lid M. Den Heyer.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.