ECLI:NL:RVS:2024:1314
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen beëindiging opvang vreemdeling na afwijzing verblijfsvergunning
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 28 november 2023 het verzoek van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 26 februari 2024 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op 26 maart 2024 bij wijze van ordemaatregel een voorlopige voorziening getroffen, waardoor de voorgenomen beëindiging van de opvang op 27 maart 2024 wordt uitgesteld. Dit omdat de voor de beoordeling van het hoger beroep noodzakelijke stukken nog niet waren ontvangen. De rechter zal na ontvangst van de stukken op het resterende deel van het verzoek beslissen.
Daarnaast is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, een bedrag van € 875,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter J.M. Willems in aanwezigheid van griffier L.C. Lodeweges.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt getroffen waardoor de beëindiging van de opvang wordt uitgesteld en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.