ECLI:NL:RVS:2024:1619
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over beslistermijn kinderopvangtoeslag bezwaar
De zaak betreft het hoger beroep van een ouder die bezwaar maakte tegen besluiten van de Belastingdienst/Toeslagen over haar recht op kinderopvangtoeslag, onderdeel van de toeslagenaffaire. De rechtbank had eerder geoordeeld dat de dienst uiterlijk 1 juli 2024 een besluit moest nemen en een dwangsom moest betalen bij overschrijding.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dat de rechtbank dit oordeel niet kan handhaven, gelet op eerder vastgestelde uitgangspunten over beslistermijnen na een gegrond verklaard beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit. De dienst moet binnen zes weken na verzending van deze uitspraak een besluit nemen.
Verder wordt bepaald dat de Belastingdienst/Toeslagen een dwangsom van €100 per dag moet betalen bij overschrijding, met een maximum van €15.000. Ook worden proceskosten en griffierecht aan de appellant vergoed. De uitspraak is openbaar en gewezen door de enkelvoudige kamer van de Raad van State.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden vonnis vernietigd en de Belastingdienst/Toeslagen wordt opgedragen binnen zes weken een besluit te nemen met een dwangsom bij overschrijding.