ECLI:NL:RVS:2024:1696
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schorsing rijbewijs na rijden onder invloed van THC boven wettelijke grenswaarde
Appellant werd op 2 juli 2022 staande gehouden door de politie vanwege sportief rijgedrag en een lichte hennepgeur in zijn voertuig. Een speekseltest gaf een indicatie voor THC, waarna bloedonderzoek een THC-waarde van 4,3 microgram per liter bloed aantoonde, boven de grenswaarde van 3 microgram.
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde appellant een onderzoek naar rijgeschiktheid op en schorste zijn rijbewijs. Het bezwaar van appellant werd door het CBR en vervolgens door de rechtbank ongegrond verklaard. Appellant stelde in hoger beroep dat de aanvullende gegevens onvoldoende waren om het vermoeden van ongeschiktheid te rechtvaardigen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het proces-verbaal, inclusief de positieve speekseltest en de waargenomen hennepgeur, voldoende aanvullende gegevens bevat om het vermoeden van rijden onder invloed en daarmee ongeschiktheid te rechtvaardigen. De schorsing en het onderzoek zijn daarom terecht opgelegd. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De schorsing van het rijbewijs van appellant wegens rijden onder invloed van THC wordt bevestigd.