ECLI:NL:RVS:2024:1825
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid omgevingsvergunning en afwijzing handhavingsverzoek tegen bijgebouwen
Het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen wees op 10 juni 2020 het verzoek van appellant om handhavend op te treden tegen zonder vergunning gebouwde bijgebouwen op het perceel van partij A af. Appellant had bezwaar gemaakt tegen dit besluit, dat op 20 november 2020 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het procesbelang had ontkend, omdat appellant met zijn beroep het doel kon bereiken dat het college handhavend zou optreden. De Afdeling vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en beoordeelde het beroep inhoudelijk.
De Afdeling constateerde dat de omgevingsvergunning van 6 mei 2020 voor de bouw van de garage, aanbouw en overkapping rechtsgeldig en onaantastbaar is. Hierdoor was er ten tijde van het handhavingsbesluit geen overtreding meer. Het betoog van appellant dat de vergunning in strijd zou zijn met het bestemmingsplan faalde. Het beroep werd ongegrond verklaard en appellant kreeg het betaalde griffierecht terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep tegen het handhavingsbesluit wordt ongegrond verklaard omdat de omgevingsvergunning rechtsgeldig is verleend.