ECLI:NL:RVS:2024:2066
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam op 18 april 2023 het besluit om de aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, die op 29 november 2023 het beroep gegrond verklaarde en het besluit vernietigde. De staatssecretaris stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en daarbij aansluiting gezocht bij haar eerdere uitspraak van 13 maart 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:896), waarin het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor België centraal stond. Op basis van die overwegingen oordeelde de Afdeling dat de grief van de staatssecretaris slaagt.
Daarom vernietigt de Afdeling de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling alsnog ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De Afdeling heeft het hoger beroep gegrond verklaard en het beroep ongegrond, waarmee het besluit van de staatssecretaris in stand blijft.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.