ECLI:NL:RVS:2024:2637
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- J.Th. Drop
- V.V. Essenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning langdurig verblijvende kinderen
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af op grond van de Afsluiting Definitieve Regeling langdurig verblijvende kinderen. De vreemdeling en zijn gezinsleden voldeden niet aan de voorwaarden van de regeling, met name aan de eis dat zij zich niet langer dan drie maanden aan het toezicht van de betrokken instanties mochten onttrekken en dat zij beschikbaar moesten zijn voor vertrek.
De rechtbank had de besluiten van de staatssecretaris vernietigd wegens onvoldoende motivering en onvoldoende toepassing van de evenredigheidstoets, en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte een indringende evenredigheidstoets toepaste op vereiste c van de regeling, omdat contra-indicatie e als belastend element een zwaardere toets rechtvaardigt, maar vereiste c niet. Tevens vond de Raad dat de staatssecretaris voldoende had gemotiveerd waarom het niet onevenredig was om vast te houden aan het beleid, mede gezien de inspanningen om het gezin uit te zetten en de mogelijkheden voor vrijwillig vertrek.
Verder concludeerde de Raad dat de belangenafweging van de staatssecretaris, waarbij het algemeen belang zwaarder weegt dan het privéleven van de vreemdeling, deugdelijk was gemotiveerd. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling alsnog ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.