ECLI:NL:RVS:2024:2932
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging omgevingsvergunning parapluhooiberg en in stand laten rechtsgevolgen
Op 12 juni 2019 diende initiatiefnemer een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor de bouw van een parapluhooiberg op een perceel te Berlicum. Het college van burgemeester en wethouders verleende deze vergunning bij besluit van 9 december 2019. De rechtbank vernietigde dit besluit op 28 april 2021 wegens onvoldoende motivering, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand konden blijven.
De Vereniging Het Groene Hart Brabant was het oneens met het in stand laten van de rechtsgevolgen en stelde hoger beroep in. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in haar uitspraak van 17 juli 2024 het hoger beroep ongegrond verklaard en daarmee het vonnis van de rechtbank bevestigd. De Afdeling oordeelde dat het college terecht het herstelplan als toetsingskader heeft gebruikt, ondanks dat dit plan nog onderhevig was aan een eindbeoordeling.
Verder oordeelde de Afdeling dat het bouwwerk voldoet aan de definitie van parapluhooiberg in het herstelplan, dat het college terecht op het welstandsadvies heeft mogen afgaan en dat het niet naleven van een convenant tussen de Vereniging en het college niet leidt tot een gebrekkige voorbereiding van het besluit. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit kunnen daarom in stand blijven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd waarbij de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven.