ECLI:NL:RVS:2024:3291
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- J.J.W.P. van Gastel
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel voor teruggekeerde Syrische vrouw
De vreemdeling, geboren in 1993 en van Syrische nationaliteit, verliet in 2013 Syrië en verbleef in Egypte. Sindsdien is zij minimaal zes keer legaal teruggekeerd naar Syrië, verblijvend bij haar ouders in een door het regime gecontroleerd gebied, zonder problemen. Haar laatste verblijf was van 2019 tot eind oktober 2021, waarna zij zonder toestemming vertrok en asiel in Nederland aanvroeg.
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel af omdat zij geen reëel risico op ernstige schade bij terugkeer aannemelijk maakte, mede gelet op haar probleemloze eerdere terugkeer. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, wat de vreemdeling in hoger beroep aanvocht.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de minister een juiste bewijslastverdeling hanteert en haar beslissing deugdelijk heeft gemotiveerd, onder meer door het algemene ambtsbericht over Syrië en de persoonlijke omstandigheden van de vreemdeling mee te wegen. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van het vonnis en wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bevestigd.