ECLI:NL:RVS:2024:332
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering politieke overtuiging
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 2 maart 2021 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de staatssecretaris onvoldoende heeft toegelicht hoe het onderzoek en de beoordeling van een gestelde politieke overtuiging en de daaruit voortvloeiende vrees voor vervolging plaatsvindt, vooral wanneer de vreemdeling deze overtuiging in het land van herkomst niet heeft geuit en nog geen negatieve aandacht heeft gekregen van vervolgingsactoren. Hierdoor kon de bestuursrechter niet effectief toetsen of het besluit zorgvuldig en deugdelijk is genomen en gemotiveerd.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris. De staatssecretaris moet een nieuw besluit nemen rekening houdend met de actuele feiten en omstandigheden. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 2.625,00.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd en de staatssecretaris moet een nieuw besluit nemen.