ECLI:NL:RVS:2024:3627
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht vreemdeling in asielprocedure
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 7 juni 2024 besloten een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 14 augustus 2024 ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging in hoger beroep en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat het hoger beroep nader onderzoek vereist, mede gelet op een recente zaak over opvangvoorzieningen en het risico op pushbacks in Kroatië, en dat de huidige procedure zich niet leent voor een volledige beoordeling. Daarom werd een voorlopige voorziening getroffen.
De voorzieningenrechter bepaalde dat de vreemdeling niet mag worden overgedragen voordat op het hoger beroep is beslist. Tevens werd de minister van Asiel en Migratie veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 875,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet overgedragen totdat het hoger beroep is beslist en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.