ECLI:NL:RVS:2024:3675
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitspraak rechtbank inzake niet tijdig besluit verblijfsvergunning asiel
Een vreemdeling had beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank Den Haag had dit beroep gegrond verklaard en het niet tijdig nemen van een besluit gelijkgesteld aan een besluit, dat werd vernietigd. Tevens werd de staatssecretaris opgedragen binnen zestien weken alsnog een besluit te nemen en werd een dwangsom opgelegd voor overschrijding van deze termijn.
De minister van Asiel en Migratie stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen gedurende het hoger beroep. De vreemdeling gaf een schriftelijke reactie op dit verzoek.
De voorzieningenrechter overwoog de belangen van beide partijen en de actuele problemen in de beslispraktijk en besloot de voorlopige voorziening toe te wijzen. Hierdoor wordt de uitspraak van de rechtbank geschorst totdat het hoger beroep is beslist. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank Den Haag wordt geschorst bij wijze van voorlopige voorziening.