ECLI:NL:RVS:2024:372
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Soesterberg wegens onvoldoende motivering schaduwhinder
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij tussenuitspraak vastgesteld dat het bestemmingsplan van 21 december 2021 voor een locatie in Soesterberg niet zorgvuldig was voorbereid, omdat de bezonningsstudie niet uitging van maximale bouwmogelijkheden en onjuist werd toegepast. De raad werd opgedragen de gebreken te herstellen.
In het herstelbesluit van 26 oktober 2023 heeft de raad het bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld met een nieuwe bezonningsstudie die voldoet aan de lichte TNO-norm. De Afdeling oordeelt dat het gewijzigde plan geen onaanvaardbare schaduwwerking veroorzaakt, waardoor het beroep tegen het herstelbesluit ongegrond is.
De beroepen tegen de oorspronkelijke omgevingsvergunningen van 19 januari 2022 en 9 november 2022 worden gegrond verklaard en vernietigd, omdat deze besluiten gebaseerd waren op het vernietigde bestemmingsplan. Het besluit van 7 november 2023 tot wijziging van de vergunning is echter gegrond verklaard en blijft in stand.
Proceskosten worden toegekend aan appellant sub 1, waaronder kosten voor deskundigenonderzoek. De Afdeling bevestigt dat het belang van omwonenden bij een aanvaardbaar woon- en leefklimaat meeweegt in de ruimtelijke afweging, maar acht de nieuwe bezonningsstudie voldoende onderbouwing voor het herstelbesluit.
Uitkomst: Het oorspronkelijke bestemmingsplan en twee omgevingsvergunningen worden vernietigd, het herstelbesluit en latere vergunning blijven in stand, en proceskosten worden toegekend aan appellant sub 1.