ECLI:NL:RVS:2024:3751
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vaststelling strijdigheid bewoning bijgebouw met bestemmingsplan Scherpenzeel
Het college van burgemeester en wethouders van Scherpenzeel legde op 23 april 2020 aan Goed Vast Goed Beheer B.V. een last onder dwangsom op wegens overtreding van het bestemmingsplan en de bouwvergunning door verbouwing en bewoning van de verdieping van een bijgebouw tot twee zelfstandige appartementen.
De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van Goed Vast Goed gegrond en vernietigde het besluit van het college, stellende dat de bewoning niet in strijd was met het bestemmingsplan en dat het vergunningvoorschrift niet als grondslag kon dienen.
In hoger beroep oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat de bewoning van het bijgebouw wel in strijd is met het bestemmingsplan, waarbij het gebruiksverbod voor zelfstandige bewoning van vrijstaande bijgebouwen in artikel 22.2 van de planregels prevaleert boven de algemene bepalingen in artikel 6.1.
De Afdeling wijst het incidenteel hoger beroep van Goed Vast Goed af, bevestigt dat ook onzelfstandige appartementen niet zijn toegestaan, en vernietigt het vonnis van de rechtbank. Het beroep van Goed Vast Goed wordt alsnog ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van Goed Vast Goed wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.