ECLI:NL:RVS:2024:3820
Raad van State
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening uitspraak voorzieningenrechter bestuursrecht
Bij uitspraak van 16 mei 2023 heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling het verzoek van verzoekster om het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen en het hoger beroep ongegrond verklaard. Verzoekster heeft vervolgens verzocht om herziening van deze uitspraak, stellende dat de voorzieningenrechter een inhoudelijk onjuist oordeel heeft gegeven en verzoekt de Afdeling opnieuw naar de aangeleverde stukken te kijken.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het verzoek tot herziening beoordeeld aan de hand van artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat bepaalt dat een onherroepelijke uitspraak slechts kan worden herzien op grond van feiten of omstandigheden die voorafgaand aan de uitspraak plaatsvonden, niet bekend waren en bij bekendheid tot een andere uitspraak zouden hebben geleid.
De Afdeling oordeelt dat het verzoek tot herziening niet bedoeld is om het eerder gevoerde debat te heropenen of om onvrede over de uitspraak te uiten. Omdat verzoekster geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die aan de criteria voldoen, wordt het verzoek afgewezen. Tevens hoeft het CAK geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak van de voorzieningenrechter wordt afgewezen.