ECLI:NL:RVS:2024:4004
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in bestuursrechtelijke procedure om omgevingsvergunning
Stichting Groen Kempenland verzocht het college van burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden om gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning voor een veehouderij. Na een langdurige procedure, waarin bezwaren en beroepen werden ingesteld, werd de zaak uiteindelijk door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandeld.
De stichting stelde dat de procedure niet binnen de redelijke termijn was afgerond. De Afdeling stelde vast dat de redelijke termijn van vier jaar was overschreden met ongeveer een jaar en vier maanden, aangezien de procedure liep van 24 januari 2019 tot 22 mei 2024. Deze overschrijding was aan de overheid toe te rekenen, met name door de lange duur van het hoger beroep.
De Afdeling oordeelde dat voor de twee samenhangende zaken slechts eenmaal een forfaitaire schadevergoeding toegekend kon worden, omdat deze gelijktijdig behandeld werden en geen extra frustratie veroorzaakten. De Staat werd veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van € 1.500,00 en vergoeding van proceskosten van € 437,50 aan de stichting.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot betaling van € 1.500,00 schadevergoeding en € 437,50 proceskosten aan Stichting Groen Kempenland wegens overschrijding van de redelijke termijn.