ECLI:NL:RVS:2024:4028
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De minister van Asiel en Migratie heeft op 21 augustus 2024 besloten een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 23 september 2024 ongegrond verklaarde. Vervolgens heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overweegt dat het hoger beroep nader onderzoek vereist, mede vanwege de context van opvangvoorzieningen en het risico op pushbacks in Kroatië, zoals recentelijk in een andere zaak is behandeld. De procedure voor de voorlopige voorziening leent zich niet voor dat nader onderzoek, maar gezien de omstandigheden wordt besloten een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter bepaalt dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist. Tevens wordt de minister van Asiel en Migratie veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, een bedrag van € 875,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan op 4 oktober 2024.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.