ECLI:NL:RVS:2024:4032
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen opheffing bewaring vreemdeling wegens risico onttrekking toezicht
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 25 mei 2023 in bewaring wegens het risico op onttrekking aan het toezicht, noodzakelijk voor het vaststellen van identiteit en beoordeling van de asielaanvraag.
De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en beval opheffing van de bewaring met ingang van 15 juni 2023, tevens werd schadevergoeding toegekend.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in. De Raad van State oordeelde dat de minister voldoende gronden en een deugdelijke motivering had gegeven waarom een lichter middel dan bewaring niet volstond, mede vanwege het wisselende verblijf van de vreemdeling in Handhaving en Toezichtlocaties.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard; de bewaring blijft van kracht.