ECLI:NL:RVS:2024:4266
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering handhaving vanwege overschrijding bouwhoogte hekwerken
Het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn wees het verzoek van appellant om handhavend op te treden tegen hekwerken langs de perceelsgrens af, omdat de overschrijding van de maximale bouwhoogte gering zou zijn en handhaving disproportioneel. De rechtbank bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat de hekwerken niet vergunningvrij zijn en dat het college ten onrechte van handhaving afzag, omdat er geen concreet zicht op legalisatie is en de overtreding niet van geringe aard is. De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat de overschrijding van de bouwhoogte van 1 m respectievelijk 2 m in strijd is met het bestemmingsplan en niet gering is.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college en bepaalt dat het college een nieuw besluit moet nemen, waarbij in beginsel handhavend moet worden opgetreden tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen. Tevens moet het college de proceskosten vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank zijn vernietigd, en het college moet een nieuw besluit nemen waarbij in beginsel handhavend moet worden opgetreden.