ECLI:NL:RVS:2024:4279
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inzageverzoek persoonsgegevens in asielprocedure en interne correspondentie
Appellant verzocht op grond van de AVG inzage in zijn persoonsgegevens die door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) in het kader van zijn asielprocedure zijn verwerkt. De staatssecretaris verstrekte een overzicht en gelakte documenten, maar appellant vond de inzage onvolledig, met name in de interne correspondentie met Team Onderzoek en Expertise Land en Taal (TOELT).
Na eerdere besluiten en uitspraken, waaronder vernietiging van eerdere beslissingen, heeft de staatssecretaris bij besluit van 8 juli 2024 het bezwaar gegrond verklaard en inzage gegeven in de interne correspondentie. Appellant stelde dat veel gegevens waren weggelakt en dat mogelijk meer documenten, zoals een logboek van TOELT, niet waren verstrekt.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de staatssecretaris alle relevante gegevens had verstrekt en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er meer documenten onder de staatssecretaris berusten. De Afdeling concludeerde dat de lakking geen onrechtmatige beperking van inzagerechten vormt en dat appellant voldoende in staat is de rechtmatigheid en juistheid van de persoonsgegevens te controleren.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit van 8 juli 2024 bleef in stand. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit van 8 juli 2024 blijft in stand.