ECLI:NL:RVS:2024:4984
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- J.Th. Drop
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Geheimhoudingsplicht en verzoek om informatie op grond van de Wet open overheid
Appellanten hebben op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) verzocht om inzage in documenten die verband houden met henzelf en hun bedrijf, met het oog op juridische procedures over naheffingsaanslagen. De staatssecretaris van Financiën weigerde deze informatie te verstrekken op grond van de geheimhoudingsplicht van artikel 67 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr).
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris de reikwijdte van het verzoek te beperkt had opgevat en bepaalde dat het verzoek ook een openbaarmakingsverzoek betrof. De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen het oordeel dat artikel 67 Awr Pro zich niet verzet tegen toepassing van artikel 5.5 van de Wet open overheid.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dat artikel 67, tweede lid, onder c, Awr een bijzondere, uitputtende regeling is voor verstrekking van onder de geheimhoudingsplicht vallende informatie over de verzoeker. Artikel 5.5 van de Wet open overheid is niet van toepassing op deze informatie. De staatssecretaris mag artikel 5.5 niet toepassen op onder geheimhouding vallende informatie. De beroepen tegen de besluiten van 8 juli 2024 worden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, maar de beroepen tegen de besluiten van 8 juli 2024 worden ongegrond verklaard.