ECLI:NL:RVS:2024:533
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging tijdelijke bescherming vreemdeling op grond van Richtlijn Tijdelijke Bescherming
Bij besluit van 30 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat het recht op tijdelijke bescherming van de vreemdeling eindigt op 4 september 2023, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en het Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382.
De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 5 december 2023 ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de tijdelijke bescherming van vreemdelingen die rechtmatig verblijf hadden in Oekraïne en zich voor 19 juli 2022 in Nederland hebben ingeschreven, niet per 4 september 2023 kan worden beëindigd. De bescherming loopt krachtens de Richtlijn Tijdelijke Bescherming door tot 4 maart 2024. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van € 1.750,00.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de tijdelijke bescherming per 4 september 2023 wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.