ECLI:NL:RVS:2024:573
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging tijdelijke bescherming vreemdeling op grond van EU-richtlijn
Bij besluit van 29 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat het recht op tijdelijke bescherming van de vreemdeling op grond van Richtlijn 2001/55/EG per 4 september 2023 eindigt. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging vervolgens in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling verwijst naar een eerdere uitspraak van 17 januari 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:32), waarin is geoordeeld dat de tijdelijke bescherming van derdelanders die rechtmatig verblijf hadden in Oekraïne en zich voor 19 juli 2022 in Nederland hebben ingeschreven, niet voortijdig kan worden beëindigd. De bescherming geldt immers krachtens de EU-richtlijn en loopt door tot 4 maart 2024.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van 29 augustus 2023. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling. De staatssecretaris dient zelf te bepalen hoe hij de vreemdeling informeert over het einde van de tijdelijke bescherming op 4 maart 2024.
Uitkomst: Het besluit van 29 augustus 2023 tot beëindiging van de tijdelijke bescherming per 4 september 2023 wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.