ECLI:NL:RVS:2024:759
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake proceskostenvergoeding in bewaringstelling vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 8 december 2023 in bewaring. De rechtbank Den Haag kende op 21 december 2023 schadevergoeding toe aan de vreemdeling wegens deze bewaring, maar veroordeelde de staatssecretaris slechts gedeeltelijk tot vergoeding van de proceskosten.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, met name tegen de hoogte van de proceskostenvergoeding. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat zij onbevoegd was om kennis te nemen van het hoger beroep tegen de schadevergoeding zelf, maar wel bevoegd was ten aanzien van de proceskostenvergoeding.
De Afdeling stelde vast dat de rechtbank ten onrechte een lagere wegingsfactor ('licht') hanteerde bij de berekening van de proceskosten, terwijl de behandeling van het beroep in beginsel tot de categorie 'gemiddeld' behoort. De Afdeling vernietigde daarom het deel van de uitspraak dat de proceskostenvergoeding beperkte en veroordeelde de staatssecretaris tot volledige vergoeding van de proceskosten in beroep en hoger beroep, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard voor de proceskostenvergoeding en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot volledige vergoeding van de proceskosten in beroep en hoger beroep.