ECLI:NL:RVS:2025:1156
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sluitingsbesluit woning wegens illegale prostitutie wegens onvoldoende noodzaak
De burgemeester van Rotterdam sloot op 5 februari 2021 een woning voor drie maanden wegens het exploiteren van een seksbedrijf zonder vergunning, gebaseerd op een politiecontrole en een bestuurlijke rapportage. De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen dit besluit ongegrond, maar vernietigde het besluit later wegens onvoldoende motivering van de sluitingsduur.
In hoger beroep betoogde de eigenaar dat de burgemeester niet bevoegd was tot sluiting en dat de maatregel onevenredig was, omdat de overtreding was beëindigd en er geen overlast was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de burgemeester bevoegd was, omdat de woning als seksinrichting kon worden aangemerkt, maar dat de sluiting niet noodzakelijk was om de openbare orde te herstellen.
De Afdeling stelde vast dat de burgemeester onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de woning bekend was als seksinrichting of dat er sprake was van overlast of loop naar het pand. Bovendien had de eigenaar maatregelen genomen om herhaling te voorkomen. Daarom werd het besluit tot sluiting en het daaropvolgende besluit op bezwaar vernietigd en de proceskosten aan de eigenaar toegekend.
Uitkomst: Het besluit tot sluiting van de woning wegens illegale prostitutie wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de noodzaak tot sluiting.