ECLI:NL:RVS:2025:127
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing subsidie voor tuinonderhoud en isolatie woonhuis-rijksmonument
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap verleende subsidie voor de instandhouding van een woonhuis-rijksmonument, waarbij de onderhoudskosten van de tuin en isolatie van de woning ter discussie stonden. De tuin viel expliciet buiten de monumentale bescherming en was niet als groen monument aangewezen, waardoor de onderhoudskosten daarvan niet subsidiabel waren. Ook werden isolatiekosten afgewezen omdat het nieuwe isolatiemateriaal niet historisch waardevol was.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde. Hij voerde aan dat de tuin wel subsidiabel zou moeten zijn op grond van het beleidskader en een toezegging aan de Eerste Kamer, en dat isolatiekosten subsidiabel moesten zijn vanwege een gebruiksvergunning.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten leidend is en dat de tuin niet subsidiabel is omdat deze niet beschermd is volgens het monumentenregister en niet als groen monument is aangewezen. De toezegging aan de Eerste Kamer betreft alleen groene monumenten die wel beschermd zijn. Ook voor de isolatiekosten geldt dat alleen historisch waardevol isolatiemateriaal subsidiabel is, en appellant had niet aannemelijk gemaakt dat vervanging noodzakelijk was.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidie voor tuinonderhoud en isolatie wordt niet toegekend.