ECLI:NL:RVS:2025:1360
Raad van State
- Wraking
- J.J.W.P. van Gastel
- N. Verheij
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen staatsraad wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoekster heeft wraking gevraagd van staatsraad D.A. Verburg vanwege vermeende vooringenomenheid tijdens de zitting van 13 maart 2025. Zij voelde zich niet serieus genomen, werd onderbroken, kreeg onjuiste informatie en meende dat haar belangrijkste beroepsgrond onvoldoende aan bod kwam. Ook stelde zij dat haar dochter onbedoeld als procespartij werd aangemerkt en dat non-verbale communicatie ongelijkheid creëerde.
De staatsraad reageerde schriftelijk dat hij de zitting wilde benutten voor opheldering van complexe beroepsgronden en ontkende de beschuldigingen van vooringenomenheid en ongepaste communicatie. De wrakingskamer overwoog dat het gevoel van verzoekster onvoldoende is om vooringenomenheid aan te nemen, vooral omdat het oordeel van de rechter gebaseerd is op het gehele dossier en zittingsverloop.
Er waren geen objectieve feiten die duidden op partijdigheid. Ook het plaatsen van de dochter vooraan in de zaal werd niet als vooringenomenheid gezien. De wrakingskamer benadrukte dat zij niet inhoudelijk toetst aan de beroepsgronden, maar alleen aan de onpartijdigheid van de rechter. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen staatsraad D.A. Verburg wordt afgewezen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid.