ECLI:NL:RVS:2025:1569
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- B.P.M. van Ravels
- G.O. van Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing tegemoetkoming planschade door bestemmingsplanwijziging
Appellante, eigenaresse van percelen in Krimpen aan de Lek, vorderde tegemoetkoming in directe en indirecte planschade door een bestemmingsplanwijziging die de gebruiksmogelijkheden voor een scheepswerf beperkte en de milieucategorieën van nabijgelegen percelen verruimde. Het college van burgemeester en wethouders wees de aanvraag en het bezwaar af, waarna de rechtbank het beroep ongegrond verklaarde.
In hoger beroep stelde appellante dat de rechtbank onjuist had geoordeeld over de planologische grenzen en de geschiktheid van haar percelen voor een scheepswerf. De Afdeling stelde vast dat de percelen aan meer water grenzen dan de rechtbank aannam, waardoor de eerdere afwijzing onterecht was. De Afdeling vernietigde het besluit en het vonnis van de rechtbank en droeg het college op binnen dertien weken een nieuw besluit te nemen.
Daarnaast oordeelde de Afdeling dat de redelijke termijn voor de procedure was overschreden en veroordeelde het college en de Staat tot betaling van een schadevergoeding aan appellante. Tevens werden proceskosten en griffierechten toegewezen aan appellante.
De Afdeling bepaalde dat tegen het nieuwe besluit slechts bij haar beroep kan worden ingesteld, wat de finale geschilbeslechting waarborgt.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard, besluit en uitspraak vernietigd, nieuw besluit op bezwaar binnen dertien weken opgelegd.