ECLI:NL:RVS:2025:1946
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor bedrijfsruimte met koelcellen binnen afwijkingsbevoegdheid bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Hillegom heeft op 23 mei 2019 een omgevingsvergunning verleend aan appellant voor het bouwen van een bedrijfsruimte met koelcellen op een perceel met bestemming agrarische doeleinden. Het bouwplan overschrijdt de maximale toegestane oppervlakte aan bedrijfsgebouwen binnen het bouwvlak, maar valt binnen de 15% afwijkingsbevoegdheid uit het bestemmingsplan. Appellant en omwonenden maakten bezwaar tegen de vergunning vanwege de locatie van de koelcellen achter hun woningen.
Het college verklaarde het bezwaar ongegrond en wijzigde het besluit meerdere malen, waarbij het gebruiksdoel van de bedrijfsruimte werd beperkt tot opslag en verwerking overeenkomstig de bestemming. De rechtbank verklaarde het beroep deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond, waarbij zij oordeelde dat het college terecht gebruik heeft gemaakt van de afwijkingsbevoegdheid en dat er geen evidente strijd is met de provinciale Verordening ruimte 2014.
In hoger beroep betoogden appellant en anderen dat de rechtbank ten onrechte niet rechtstreeks aan de verordening had getoetst en dat het bouwplan niet binnen de afwijkingsbevoegdheid viel. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de verordening niet rechtstreeks van toepassing is op deze afwijking, dat de afwijkingsbevoegdheid niet evident in strijd is met de verordening en dat het bouwplan binnen de toegestane afwijkingsmarge van 15% valt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft van kracht.