ECLI:NL:RVS:2025:2812
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel in hoger beroep
Op 5 oktober 2023 wees de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van appellant voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Appellant stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 16 april 2024 het beroep ongegrond verklaarde.
Appellant ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die het hoger beroep heeft behandeld. De Afdeling nam de motivering van de rechtbank over en oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevatte die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer van de Raad van State op 25 juni 2025.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.