ECLI:NL:RVS:2025:2826

Raad van State

Datum uitspraak
25 juni 2025
Publicatiedatum
25 juni 2025
Zaaknummer
202501181/2/V3
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • H.G. Sevenster
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring verblijfsvergunning asiel

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 1 december 2023 een aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. Betrokkene stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 19 februari 2025 het besluit vernietigde en de minister opdroeg een nieuw besluit te nemen.

De minister stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling heeft bij uitspraak van 25 juni 2025 het hoger beroep van de minister behandeld en besloten, waardoor het verzoek om een voorlopige voorziening niet meer nodig was.

De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af en bepaalde dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak werd openbaar gedaan door voorzieningenrechter H.G. Sevenster.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het hoger beroep reeds is beslist.

Uitspraak

202501181/2/V3.
Datum uitspraak: 25 juni 2025
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, van:
de minister van Asiel en Migratie,
verzoeker,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 19 februari 2025 in zaak nr. NL23.37900 in het geding tussen:
[betrokkene]
en
de minister.
Procesverloop
Bij besluit van 1 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.
Bij uitspraak van 19 februari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak.
Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1.       Bij uitspraak van vandaag heeft de Afdeling op het hoger beroep van de minister beslist. Daarom wordt geen voorlopige voorziening getroffen.
2.       Het verzoek wordt afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. D.C.M. van Trappen, griffier.
w.g. Sevenster
voorzieningenrechter
w.g. Van Trappen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 25 juni 2025
985