ECLI:NL:RVS:2025:2844
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing naturalisatieverzoek wegens twijfel aan identiteit en nationaliteit ondanks bewijsnood
Appellant, van Palestijnse afkomst en sinds 1997 in Nederland, verzocht om naturalisatie. De staatssecretaris wees dit af vanwege twijfels over zijn identiteit en nationaliteit, gebaseerd op een ambtsbericht dat een andere geboortedatum vermeldde dan appellant had opgegeven. Appellant kon geen gelegaliseerde geboorteakte of geldig paspoort overleggen.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris terecht twijfelde en dat appellant onvoldoende bewijs leverde om deze twijfel weg te nemen. Ook zijn beroep op bewijsnood werd verworpen omdat hij niet alles had gedaan om de gevraagde documenten te verkrijgen.
In hoger beroep bevestigde de Raad van State dit oordeel. Appellant slaagde er niet in de twijfel weg te nemen of aan te tonen dat hij alles had gedaan om bewijs te verkrijgen. Zijn langdurig verblijf in Nederland werd niet als bijzondere omstandigheid gezien die afwijzing zou rechtvaardigen. Het beroep werd ongegrond verklaard en de afwijzing bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om naturalisatie wordt afgewezen vanwege gerede twijfel aan identiteit en nationaliteit, ondanks beroep op bewijsnood.