ECLI:NL:RVS:2025:2923
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging sluitingsbesluit woning wegens hennepkwekerij na tijdsverloop
De burgemeester van Maastricht sloot op 8 december 2021 een woning voor drie maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet vanwege een hennepkwekerij met 124 planten en illegale stroomafname. De burgemeester handhaafde dit besluit op bezwaar, maar de rechtbank verklaarde het beroep van de huurder gegrond en vernietigde het besluit vanwege het tijdsverloop en het ontbreken van actuele feiten die sluiting rechtvaardigen.
De burgemeester ging in hoger beroep, stellende dat de sluiting noodzakelijk was om een signaal af te geven tegen drugscriminaliteit en de openbare orde te herstellen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het tijdsverloop van tien maanden tussen de ontmanteling van de kwekerij en de voorgenomen sluiting de maatregel ongeschikt maakt, omdat de situatie feitelijk was hersteld.
De Afdeling benadrukte dat bestuursrechtelijke herstelsancties gericht moeten zijn op herstel en het voorkomen van herhaling, niet primair op afschrikking. De burgemeester had onvoldoende onderbouwd waarom sluiting noodzakelijk was, en het beroep van de burgemeester werd ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en de burgemeester werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de burgemeester is ongegrond verklaard en het vernietigde besluit van de rechtbank bevestigd.