ECLI:NL:RVS:2025:3286
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- J.J.W.P. van Gastel
- J.C.A. de Poorter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding
Appellant, van Ghanese nationaliteit, verzocht via haar referent om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland. De aanvraag werd afgewezen omdat de familierechtelijke relatie niet met bewijsstukken was aangetoond. Het bezwaar tegen deze afwijzing werd niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.
De rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was omdat de referent langdurig in Ghana verbleef zonder de minister te informeren en zonder adequate postafhandeling te regelen. Persoonlijke omstandigheden zoals slechtziendheid, beperkte digitale vaardigheden en het overlijden van een naaste werden niet als voldoende zwaarwegend beschouwd om de termijnoverschrijding te verontschuldigen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat een vriend de post zou beheren, maar die had dit niet adequaat gedaan. De Afdeling bevestigde dat de gevolgen hiervan voor rekening van appellant komen. Ook werd geoordeeld dat de minister niet onzorgvuldig had gehandeld en dat de hoorplicht niet was geschonden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de afwijzing van de aanvraag mvv wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding bij bezwaar.